Men vergist zich nog al eens in het (h)erkennen van genialiteit. Laat ik U, trouwe lezer, maar direct uit de droom helpen. Ik ben niet geniaal.
U schrikt ervan.
“Maar die subtiele kwinkslagen in Uw teksten dan?”, zult U zeggen. “Dat doordachte proza, waarin na iedere volgende lezing een nieuwe laag zichtbaar wordt, dat duidt toch op een zekere genialiteit?” Ik begrijp in deze Uw vertwijfeling, en Uw ongerustheid. Werp ik hier nota bene mijn eigen standbeeld omver, dat daar toch op zeer eenzame hoogte stond.
“Maar als U niet geniaal bent, wie is dat dan wel?”, vraagt U nu.
Tja, dat is dan meteen een vraag waar bijna onmogelijk een antwoord op is te geven. Laat ik het U proberen uit te leggen.
Genialiteit kenmerkt zich door twee eigenschappen: originaliteit en bescheidenheid. Andere zaken zoals een scherp denkvermogen, een goed geheugen en een flinke algemene ontwikkeling lijken me evident, dus die laat ik even buiten beschouwing.
Een genie taalt niet naar erkenning. Een genie interesseert het niet of hij wordt gehoord, en dat terwijl hij de mooiste dingen vertelt. Doordat een genie zonder publiek kan (en vaak ook wil) leven, wordt hij vrijwel nooit opgemerkt. Wij spreken hier van een genie van de eerste categorie. De enige echte.
Daarnaast kennen wij genieën van de tweede categorie. Een genie van de tweede categorie is een vervelend mens. Hij is niet dom, maar wil niets liever dan dat feit bevestigd te zien. Zijn zucht naar roem en aandacht ondermijnt zijn intellect.
Beide categorieën genie zijn uiteraard ver verheven boven de gewone mens, die zich moet behelpen met een beperkter set intellectueel gereedschap. Ergens tussen de twee categorieën, maar boven de grauwe massa, zweeft echter nog een vierde type persoon. Wij noemen hem de geniale klootzak, excusez le mot.
Het kost de geniale klootzak weinig moeite de rest van de wereld zand in de ogen te strooien, en het beeld te scheppen dat hij beschikt over een formidabel brein. Het belangrijkste kenmerk van de geniale klootzak is echter dat hij het onderscheid tussen de bovengeschetste categorieën ten volle beseft. Daarnaast kent hij zijn eigen beperkingen.
Ik zeg U nogmaals, een genie ben ik niet. Daarvoor heb ik de vereiste bescheidenheid met voeten getreden. Vroeger was ik overigens wel geniaal. Maar toen kende U mij nog niet.
Genialiteit laat zich lezen tussen de regels door mijn waarde mIKe.
De interlinie dus.
De regelafstand heeft hier niets mee te maken heer D.
Waarde heer mIKe,
Enige tijd blijft bij mij de indruk hangen, de mogelijke indirecte ontwarring in subtiel verwijzende vorm, naar genialiteit door Uzelf. Impliceert U niet door termen/zinnen/fragmenten als: “uit de droom helpen”, “subtiele kwinkslagen”, “U schrikt ervan”, “vertwijfeling, ongerustheid”, “doordachte proza”, “als U niet…..wie dan wel” juist het tegenovergestelde ?.Al deze voorbeelden doen mij toch denken in een geheel andere richting, zoals U over Uzelf denkt. Een poging tot nederigheid ?. Een poging tot ?.
Tot welk der genoemde categorieën ikzelf behoor is mij volkomen duidelijk. Een genie categorie 1? Was het maar waar. Genie categorie 2? Daar waak ik voor. Een eenvoudig mens? Ach. Geniale klootzak? Laat ik het zo zeggen, ontkennen gaat te ver. Uw twijfels wat dit betreft vertellen wellicht meer over Uzelf dan over mij.
poging tot nederigheid…
Was het niet Dali die zijn biografie ‘Het leven van een genie’ noemde? Het 1e hoofdstuk is getiteld: “ben ik een genie?” De conclusie van het hoofdstuk is: ja, ik ben een genie.
In het kader van Nutteloze Kennis leek me dit wel een aardige.
Ze zeggen wel dat Mozart een genie was en Beethoven meer een noeste werker (in de partituren van Beethoven is er aanzienlijk meer gegumd dan in die van Mozart), maar ze staan toch maar mooi naast elkaar in de CD-winkel. Je hoeft dus geen genie te zijn om het toch ver te schoppen. Gewoon van 9 tot 5 werken en gummen, en je kunt het een eind schoppen. Maar, ik moet er wel weer bij zeggen dat het geen garantie is om beroemd te worden. Maar dat hoefde immers ook niet?
Je gaat je na deze categorisering door mIKe wel afvragen: wie was er nu HET genie van aller tijden? Was dat Michelangelo, Mozart, Monet, of iemand anders? Is dat ooit fatsoenlijk uitgezocht?
Het is onbegonnen werk dit uit te zoeken. Laat staan wenselijk.
Ik heb het zelf even uitgezocht: Michelangelo staat bovenaan, puur omdat hij eerder een genie was dan de anderen. Hij is dus al langer een genie dan de anderen. De tijd (zie een andere Nutteloze Kennis) werkt in zijn voordeel zogezegd. Helaas Pindakaas voor Mozart en Monet.
Degene die het heelal in elkaar heeft gezet, die heeft natuurlijk gewonnen, staat bovenaan, onbetwist.
oktober 2008
september 2008
augustus 2008
juli 2008
juni 2008
mei 2008
april 2008
maart 2008
februari 2008
januari 2008
december 2007
november 2007
oktober 2007
september 2007
augustus 2007
juli 2007
juni 2007
mei 2007
april 2007
maart 2007
februari 2007
januari 2007
december 2006
november 2006
oktober 2006
september 2006
augustus 2006
juli 2006
juni 2006
mei 2006
april 2006
maart 2006
februari 2006
januari 2006
december 2005
november 2005
oktober 2005
september 2005
augustus 2005
juli 2005
juni 2005
mei 2005
april 2005
maart 2005
februari 2005
januari 2005
december 2004
november 2004
oktober 2004
september 2004
augustus 2004
juli 2004
juni 2004
mei 2004
april 2004
maart 2004
februari 2004
januari 2004
december 2003
november 2003
oktober 2003
september 2003
augustus 2003
juli 2003
juni 2003
mei 2003
april 2003
maart 2003
februari 2003
januari 2003
december 2002
november 2002
oktober 2002
september 2002
augustus 2002
juli 2002
juni 2002
mike(at)mikz.net