Wie leest er tegenwoordig nog sonnetten? Ik, om maar eens iemand te noemen. De beperking van kwatrijn en terzine stoort mij niet in ‘t minst. In mijn ogen valt ze zelfs in het niet bij de grenzen die de taal hoe dan ook oplegt.
Evenzo kost het mij weinig moeite om me aan de strenge lay-out van deze pagina te conformeren. Of aan het eeuwige gevousvoyeer. Wat ik zeggen wil hoeft niet geschreeuwd.
Maar och. Wie leest er tegenwoordig nou nog mikzlog?
Aan woorden hecht ik waarde, en aan de Uwe in het bijzonder. Als U zegt dat iets de moeite waard is, dan knoop ik dat in mijn oren. Een vreemde kronkel in mijn hoofd is er de oorzaak van dat ik Uw tip na verloop van tijd met U vereenzelvig. Laat mij dit verschijnsel illustreren met een voorbeeld.
Een week of wat geleden liep ik boekwinkel Donner binnen. Zonder acht te slaan op de zojuist verschenen titels ging ik, zoals het de fijnproever betaamt, linea recta naar de bovenste verdieping, de ramsj. Daar stuitte ik op Frank Westermans Ingenieurs van de ziel, en ik dacht: niemsz.
Zonder aarzelen rekende ik dit boek af, om het een vlucht later in een hangmat onder een palmboom te lezen. Met enig understatement kan ik U nu zeggen: een miskoop was het niet. Het verhaal over de Sovjet-schrijvers greep mij zonder meer bij de keel. Het werkje was en is in meerdere opzichten uiterst inspirerend.
Toen ik nadien voor de grap eens opzocht waar de associatie met niemsz nou vandaan komt, bleek het om een bescheiden postje te gaan dat stamt uit juli 2005. Nu weet ik verder niet of U niemsz kent (of bent), waarde lezer, maar daar gaat het ook niet om. De man is een voorbeeld.
En er zijn er meer. Zo is de echte naam van Witold Gombrowicz stoethaspel. Philip Larkin is ijsbrand, en Stefan Hertmans om de een of andere reden jnnk. En zo zou ik nog wel een tijdje door kunnen gaan. Wat ik bedoel te zeggen, U kneedt mijn ziel, en bent daarom onsterfelijker dan U denkt. De ingenieurs zijn springlevend. Ken Uw verantwoordelijkheid!
Ergens in april 1500 komt Pedro Alvares Cabral aan in Porto Seguro, alwaar hij als eerste Europeaan voet op Braziliaanse bodem zet. Ruim 500 jaar later brengt een Boeing 767 mij op vrijwel dezelfde plek. Cabral, die in de veronderstelling verkeerde dat hij een eiland had ontdekt, vertrok net als ik na een goede week.
Natuurlijk is een tijdsbestek van 8 dagen veel te kort om een land als Brazilië te verkennen, en die moeite heb ik me dan ook bespaard. Mijn actieradius besloeg niet meer dan een kilometer of 30. Zonde? Een beetje, maar niet als U bedenkt dat ik mij slechts wenste op te laden. Want dát is in ieder geval gelukt.
Het stukje Bahia waar ik me bevond is relatief rijk, ofschoon de grootte van de gemiddelde bikini anders doet vermoeden. In tegenstelling tot de nietsverhullende strings waren de zonnebrillen immens. Tenzij letterlijk gaf niemand zich bloot. Na een week had ik het er eerlijk gezegd wel weer gezien. Net als Cabral.
En zo bleek de strandbevolking uiteindelijk metaforisch voor deze lastminutereis: weinig ziel, maar veel zaligheid.
Boeken. Vliegen. Zonnen. En dat respectievelijk in de laatste minuut, zo’n tien uur, gedurende ruim één week. De batterij is op. U dacht ‘t wel. En dus ga ik opladen. Als was ik een zonnecel.
Niet iedere atheďst blasfemeert. Het is immers heel goed mogelijk om God met een korrel zout te nemen zonder daar verder een woord aan vuil te maken. In de letterlijke zin is een godslastering voor mij betekenisloos. Toch voel ik me gek genoeg wat ongemakkelijk als een dergelijke krachtterm mij per ongeluk ontsnapt, en het gebeurt me dan ook zelden.
Ziet U, het ene woord is godverdomme het andere niet.
Maar wat veroorzaakt de voor mij beladen gevoelswaarde van een vloek? Opvoeding, respect, fatsoen? Waarschijnlijk allemaal, maar dan wel in tweede instantie. De prima causa is vanzelfsprekend de geloofsgemeenschap zelf. Als niemand in God gelooft, kun je Hem ook niet beledigen.
En dus. Vind ik het erg dat een onbetekenend woord ongevraagd van zo’n negatieve connotatie is voorzien? Eerlijk gezegd niet. Ik red me prima zonder het ooit uit te spreken. Met vrijheid van meningsuiting, of de inperking daarvan, heeft het niets van doen. Ik zeg U, onder dát mom heeft het geen enkele zin de wereld stijf te vloeken.
juli 2008
juni 2008
mei 2008
april 2008
maart 2008
februari 2008
januari 2008
december 2007
november 2007
oktober 2007
september 2007
augustus 2007
juli 2007
juni 2007
mei 2007
april 2007
maart 2007
februari 2007
januari 2007
december 2006
november 2006
oktober 2006
september 2006
augustus 2006
juli 2006
juni 2006
mei 2006
april 2006
maart 2006
februari 2006
januari 2006
december 2005
november 2005
oktober 2005
september 2005
augustus 2005
juli 2005
juni 2005
mei 2005
april 2005
maart 2005
februari 2005
januari 2005
december 2004
november 2004
oktober 2004
september 2004
augustus 2004
juli 2004
juni 2004
mei 2004
april 2004
maart 2004
februari 2004
januari 2004
december 2003
november 2003
oktober 2003
september 2003
augustus 2003
juli 2003
juni 2003
mei 2003
april 2003
maart 2003
februari 2003
januari 2003
december 2002
november 2002
oktober 2002
september 2002
augustus 2002
juli 2002
juni 2002
mike(at)mikz.net