De ne­ga­tie­ve con­no­ta­tie van het woord ‘nee’ wint het vaak van de lo­gi­ca, waar­mee ik maar wil zeg­gen dat een ont­ken­nen­de vraag niet zel­den ont­ken­nend be­ant­woord wordt, zelfs wan­neer dat niet de be­doe­ling is. Op de vraag ‘het zit niet mee, hè?’, ant­woord­de ik voor­heen ‘nee’. Met name als ik ‘ja’ be­doel­de.

Op een ge­ge­ven mo­ment, niet zo heel lang ge­le­den, be­sloot ik om dit on­heb­be­lijk­heid­je uit te ban­nen. Vanaf dat mo­ment zou ik lo­gisch ant­woor­den op vra­gen die een ont­ken­ning in zich heb­ben, zo was het plan. Ech­ter, het bleek dat mijn mond snel­ler was dan mijn her­se­nen. Voort­du­rend gaf ik ant­woord, voor­dat ik had na­ge­dacht.

“Nee .. euh .. maar ik be­doel ei­gen­lijk ja.”

Een merk­waar­dig au­to­ma­tis­me. Na ver­loop van tijd kwam daar dan toch ver­an­de­ring in, en mo­men­teel zit ik in een fase waar­in ik mij­zelf de tijd gun om woor­den te wegen al­vo­rens ant­woord te geven. Ik luis­ter zo­waar!

Van­zelf zal ech­ter de dag aan­bre­ken waar­op dit niet meer het geval is, en ik ge­dach­te­loos in­dien nodig ‘ja’ ant­woord op een der­ge­lij­ke vraag. Het juis­te ant­woord in de au­to­ma­ti­sche pi­loot. Ge­luk­kig maar. Want daad­wer­ke­lijk en con­ti­nu luis­te­ren, hoe ver­moei­end is dat.

  1. Di­mi­tri zegt op 6 ja­nu­a­ri 2004:

    Is dit ver­schijn­sel niet een zo­ge­naam­de ‘con­struc­tio ad sen­ten­ti­am’, waar­bij de be­te­ke­nis be­lang­rij­ker is dan de gram­ma­ti­ca­le vorm?

  2. CasaS­pi­der zegt op 6 ja­nu­a­ri 2004:

    Doet me den­ken aan een Data Ad­mi­ni­stra­tor die aan zijn jonge kin­de­ren vroeg: “Lus­ten jul­lie niet een ijsje?”
    “Jaaaa!!!”, rie­pen de kin­de­ren.
    “Mooi, dan krij­gen jul­lie niet een ijsje”, aldus de Data Ad­mi­ni­stra­tor.
    Ove­ri­gens zijn dub­be­le ont­ken­nin­gen in het Spaans soms ver­plicht.

  3. Inge zegt op 6 ja­nu­a­ri 2004:

    — als oe­fen­ses­sie —
    — en na­tuur­lijk in de hoop dat het ant­woord deze keer niet wer­ke­lijk ‘nee’ zal zijn —

    ‘U bent niet meer van plan nog al te veel dagen zon­der posts voor­bij te laten gaan, hé?’

  4. mIKe zegt op 7 ja­nu­a­ri 2004:

    @Di­mi­tri: Kijk, zo leer ik weer eens wat nieuws, en wel een stijl­fi­guur. Maar mocht daar in dit geval spra­ke van zijn, dan maakt het dus he­le­maal niet uit of ik ‘ja’ of ‘nee’ had ge­ant­woord. En dat kan toch ei­gen­lijk niet de be­doe­ling zijn?

    @CasaS­pi­der: De kunst van het op­voe­den is in­der­daad niet zo moei­lijk.

    @Inge: In de hoop U niet te­leur te stel­len ant­woord ik: “Tja”. Doch Uw niet af­la­ten­de aan­dacht doet mij bij­zon­der veel deugd.

  5. Nic zegt op 8 ja­nu­a­ri 2004:

    Ik kan het niet laten u te waar­schu­wen niet al te veel lo­gisch te ant­woor­den. Dat wordt niet al­tijd ge­waar­deerd door de vraag­stel­ler, al geeft u een juist ant­woord op de aan u ge­stel­de vraag. Wat kan een mens nog meer ver­lan­gen? Maar toch…

    – Wilt u kof­fie of thee?
    – Ja, lek­ker!

    – Weet u hoe laat het is?
    – Ja hoor!

    – Kunt u mij de sui­ker even aan­ge­ven.
    – Ja, ik denk dat ik dat wel kan.

    En op de vraag ‘wil er ie­mand nog meer soep?’ kunt u al­leen ‘nee’ ant­woor­den als u zich ervan heeft ver­ze­kerd, dat er nie­mand in uw om­ge­ving meer soep wil. Zon­der dat zijn de mo­ge­lij­ke ant­woor­den be­perkt tot ‘ja’ of ‘dat is mij on­be­kend’.

  6. Wil­lem zegt op 9 ja­nu­a­ri 2004:

    Oh, maar het klopt wel, hoor.

    Men geeft na­me­lijk ant­woord op de ‘hé?’, en niet op de vraag zelf, die ei­gen­lijk he­le­maal geen vraag is, maar een stel­ling. Het is de ‘hé?’-be­pa­ling die de vraag vormt en, zoals dui­de­lijk mag zijn, ge­woon po­si­tief van aard is.

  7. an­ne­ke zegt op 9 ja­nu­a­ri 2004:

    Vol­gens mij heeft Wil­lem ge­lijk. Ei­gen­lijk is het een ver­kort ant­woord. De lange ver­sie zou zijn: “Nee, het gaat in­der­daad niet zo best.” Wat ook wel weer een lek­ker ver­war­rend is na­tuur­lijk: nee in­der­daad niet.

  8. mIKe zegt op 9 ja­nu­a­ri 2004:

    Hmm, is dit wel zo?

    Met de vraag ‘hè?’ wordt toch om een be­ves­ti­ging of ont­ken­ning van de stel­ling ‘het zit niet mee’ ge­vraagd? Wan­neer je ‘nee’ ant­woordt ver­werp je in mijn ogen de stel­ling, en zit het dus wél mee.

    “Ja, het gaat in­der­daad niet zo best.” Dat lijkt mij juist.

    Mocht U an­ders van me­ning zijn dan dient U na­tuur­lijk con­se­quent te zijn en de vraag ‘het gaat goed, hè?’ te be­ant­woor­den met ‘nee, het gaat in­der­daad goed’.

  9. an­ne­ke zegt op 9 ja­nu­a­ri 2004:

    “Zal je dat nooit meer doen”, zei de juf boos. En ik, in pa­niek, wist niet wat ik moest ant­woor­den. Bij een “nee, juf” zou ze mis­schien den­ken dat ik bru­taal wilde zijn. Bij een “ja, juf” dacht ze mis­schien dat ik het gwoon nog eens zou doen.
    Er­va­ring heeft me ge­leerd dat het toch nee is. Vreemd ge­noeg moet de be­ves­ti­ging van de ont­ken­ning met een ont­ken­ning ge­vormd wor­den. Mis­schien niet taal­tech­nisch ver­ant­woord, maar als ik zo de woe­den­de juf koest kon krij­gen koos ik toch maar ei­e­ren voor mijn geld.

  10. mIKe zegt op 9 ja­nu­a­ri 2004:

    :-) Een fraai voor­beeld.

    Niet­te­min kies ik er zelf voor om mijn een­za­me strijd tegen de on­lo­gi­ca voort te zet­ten. Bang voor de juf ben ik niet (meer).

  11. elf­jet­waalf­je zegt op 14 ja­nu­a­ri 2004:

    ie­mand enig idee hoe het met ’ten­zij’ zit ?

Voeg een re­ac­tie toe

N.B. Het e-mail­adres wordt nooit ge­pu­bli­ceerd. Ver­eis­te vel­den zijn ge­mar­keerd met *