Ze houdt zielsveel van de man die niets is zonder zijn vrouw, haar man. Die liefde toont zich in zijn werk, dat zich misschien nog wel het best laat omschrijven als visuele filosofie. Skazka skazok (de Russische titel is te mooi om te vertalen) heet de animatiefilm, die laat zien waarvan men niet spreken kan. Francesca Yarbusova, de vrouw van het genie, schept de wereld die haar man tot leven brengt. Zij maakt de figuren, tekent, schildert ze, en hij laat ze bewegen met behulp van een ingewikkelde constructie van glasplaten, wieltjes en touwtjes. Allesbehalve een computer. De gouden slak, zoals Yuri Norstein weleens wordt genoemd, is maanden bezig met één minuut film, en het resultaat is dan ook verbluffend.

Een week geleden wees Mijnheer Lijstje mij op Egel in de mist. Tot op dat moment was Yuri Norstein mij onbekend, maar sindsdien is hij in mijn gedachten, niet in de laatste plaats door zijn huidige project: al meer dan vijfentwintig jaar werkt hij aan de mooiste animatiefilm aller tijden, De mantel, naar een verhaal van Nikolaj Gogol. De gouden slak heeft inmiddels een half uur voltooid, en is daarmee op de helft. De tijd dringt echter, want Yuri is nu zevenenzestig. Ik stel me deze baardige Rus soms voor, ‘s ochtends aan het ontbijt, in alle rust, zijn vrouw aan zijn zijde, terwijl hij de dag die komen gaat bespreekt. Een dag die lijkt op alle andere, en die hij beleeft alsof het zijn laatste is. Samen met Francesca, zonder wie hij niets is. Zij is de liefde van zijn leven, en dat is al wat telt.

7 reacties

Vannacht werd ik om vier minuten over vijf bruut besprongen door een Canadese dame. Slapen was er daarna natuurlijk niet meer bij. De vunzige details behoeven een inleiding die ik U niet zal onthouden. Het voorspel ving namelijk reeds drie weken geleden aan, toen mijn plannen voor de zomer vorm begonnen te krijgen.

Ik wil naar Frankrijk gaan, net als twee jaar geleden. Alleen van de gedachte, zonnebloemgeel op hemelsblauw, word ik al blij. Opdat niets mijn geluk in de weg zal staan leek het me wijs mijn taalkennis wat op te vijzelen. Fransozen moet je kort houden, immers. Dit jaar zal ik tot de tanden gewapend afreizen.

En zo buig ik mij nu al enige weken avond aan avond over de zelfstudie, om te oogsten wat er tijdens mijn middelbare schooltijd gezaaid is, en meer dan dat. Het moet natuurlijk allemaal wel leuk blijven, vandaar dat ik ook wat buitenschoolse activiteiten heb bedacht, met name het beluisteren van musique.

Het is niet fraai, ik weet het, maar sindsdien vergrijp ik mij twee keer per dag aan zuchtmeisjes. Verstaan doe ik ze nauwelijks, maar allejezus, geil zijn ze wel! Ik doe het in de auto, van en naar mijn werk, niet geheel zonder gevaar overigens, want rijden met twee versnellingspookjes is allicht vragen om ongelukken.

Een bescheiden speurtocht op internet leverde mij ettelijke honderden meisjes op, en die heb ik allemaal op een cd’tje gebrand. Ik sta tegenwoordig graag in de file. De verzameling is uiteraard tamelijk bont, en zo kan het gebeuren dat ik, tussen al het gezucht en gesteun door, verrast word door een heel ander geluid.

En wat wil het geval? Juist dit ándere geluid greep mij onverhoeds bij de lurven: het schaamteloos vrolijke Dans l’au-delà van Catherine Major. Jawel, uit Canada. Ik hoorde het, ik hoorde het nog een keer, en inmiddels hoor ik het zelfs als mijn mp3-speler uit staat. Het is een ramp!

Ik schrok me werkelijk un petit chapeau toen dit liedje vannacht om vier minuten over vijf luid door mijn slaapkamer schalde. Tevergeefs stopte ik mijn oren dicht: Catherine Major zat in mijn hoofd, woord voor woord. 1-0 voor de fransozen, dus. Maar ik geef de strijd niet op! Het belooft een hete zomer te worden.

4 reacties