Afgelopen week werd ik uit mijn slaap gewekt door geluiden die ik niet kon thuisbrengen. Ik hoorde driftige stapjes, leek het. Dan iets tikken. En was dat nu gezaag? Alsof een kaboutertje druk in de weer was met zaken die kabouters ’s nachts nu eenmaal doen. Omdat het veel te koud en te donker was om direct op onderzoek uit te gaan zag ik mij genoodzaakt geen oog meer dicht te doen en de ochtend af te wachten.

De volgende dag keek ik per ongeluk uit het raam van mijn slaapkamer op het achterplaatsje van de buren. En daar vond ik de verklaring van mijn doorwaakte nacht in de vorm van vetbollen, pinda’s en strooivoer met eromheen een groot aantal vogeltjes. Ongetwijfeld sloeg mijn kaboutertje dáár zijn slag. Toen ik die nacht opnieuw dezelfde geluiden hoorde, draaide ik me glimlachend om en doezelde meteen weer weg.

U ziet, een mens heeft behoefte aan duiding, daar slaapt ie beter van. En dat gaat op waar het kabouters betreft, maar ook hemzelf. Wie ben ik? Eenmaal bekend met het antwoord op die vraag staat niets je meer in de weg om je te richten op de écht belangrijke zaken des levens. U begrijpt dat ik die hobbel nog niet genomen heb.

Met afgunst kijk ik naar de mens die zegt daar wél voorbij te zijn. Zo hoorde ik iemand eens met droge ogen beweren dat hij eindelijk geworden was wie hij werkelijk is. Hij leek gelukkig. Deze zelfverwerkelijking impliceert dat er iets in je zit dat wacht om ontdekt te worden. Een onveranderlijke kern. Je ware ik.

Ik geloof daar niet zo in. Mijn ware ik is een verhaal. En dat verhaal verandert met de omstandigheden. Sterker nog, ik pas het verhaal aan als de omstandigheden daarom vragen. En zo vertel ik dus niet wat ik ben, maar ben ik wat ik vertel. Dat maakt me enigszins ongrijpbaar, omdat het verhaal morgen weer anders kan zijn. Maar het geeft net genoeg duiding om de nacht door te komen.

  1. Ietzsche zegt op 8 februari 2019:

    Zoveel jaren geleden zei ik U al dat identiteitsdenken een late vrucht is van maatschappelijk constructivisme. Subliem zelfbedrog, dat notabene als verdienste wordt geïnterpreteerd! Beklagenswaardigen zijn het, die zelfingenomen valsemunters. Welkom bij ons denken, Mijnheer.

  2. mike zegt op 9 februari 2019:

    Ietzsche! Alweer een stem uit het verleden. Fijn U hier te zien :-)

    Misschien begrijp ik Uw term “maatschappelijk constructivisme” verkeerd, maar als U daarmee bedoelt dat mijn identiteit (mijn ik) een enigszins kunstmatig begrip is dan beaam ik dat volledig.

    Ik ben persoonlijk wel gecharmeerd van de narratieve psychologie, die – ik citeer – “bouwt op de veronderstelling dat mensen hun identiteit construeren door het vertellen van verhalen over zichzelf en over wat hen overkomt.” Let wel, die verhalen hoeven dus niet per se “waar” te zijn (en kunnen bij wijze van spreken zelfs over kabouters gaan).

    In mijn stukje verwerp ik de onveranderlijke kern ten gunste van de ik als verhaal. Niet in de laatste plaats omdat mij dat de mogelijkheid geeft om te veranderen, om te groeien.

    Dat het ik een constructie is ben ik dus met U eens, maar waarom zou ik te beklagen zijn als ik gebruik maak van die constructie, sterker nog, haar zelfs nodig denk te hebben? Wat blijft er van mij over zonder die constructie?

  3. Frenetiek zegt op 26 april 2019:

    Mijn ik was al die tijd maar druk met missen… wie ik of u bent was en is daarbij niet zo essentieel en juist wel.

  4. mike zegt op 26 april 2019:

    En of ik U gemist heb, mijn waarde!

Voeg een reactie toe